Wladimir Poetin is de baas van Rusland. Hij gelooft in winst in de oorlog. Hij noemt de oorlog een speciale operatie. Poetin zegt: Het Russische leger haalt de doelen.
Hij ziet problemen bij de soldaten van Oekraïne. Poetin zegt: Oekraïne heeft te weinig mensen voor de strijd. Hij wil niet praten over vrede. Oekraïne wil wel praten. Poetin wil dat niet.
Rusland stelt zware eisen voor vrede. Het land wil alle macht in het oosten. Poetin zegt: Het westen wil Rusland verslaan. Hij vertrouwt de aanbiedingen voor vrede niet.
Er zijn ook problemen in Rusland. Er is te weinig benzine en diesel. Oekraïne valt fabrieken voor olie aan. Poetin zegt: Er is een tekort aan brandstof.
Mensen wachten lang bij de tankstations. Op het schiereiland Krim is het erg. Daar is een noodtoestand. Mensen krijgen daar bijna geen brandstof meer.
Poetin wil nu minder diesel verkopen aan het buitenland. Hij wil meer brandstof in eigen land houden. Vooral de boeren hebben hulp nodig. De fabrieken moeten snel weer meer maken.