In Oostenrijk en Duitsland is het heel droog. Er valt te weinig regen. Dit is erg slecht voor de boeren. Veel boeren hebben bijna geen oogst. Brood en koek worden dan snel duurder.
Ook de stroomfabrieken hebben een probleem. Er is te weinig water in de rivieren. De fabriek in Salzburg maakt 30 procent minder stroom. Alleen in Kaprun gaat het goed. Daar is genoeg water in de meren.
In Duitsland hebben rivieren te weinig water. Grote schepen varen bijna niet meer. De trein is ook geen goede hulp. Er zijn veel kapotte sporen. Frankfurt helpt arme mensen tegen de hete zon.
De oorlog in het oosten maakt olie duur. Diesel en mest kosten nu veel geld. De bank waarschuwt voor hoge prijzen. Alles wordt steeds duurder voor de mens.