In Tunesië is er nu veel geweld. In de stad Tunis vechten mensen tegen de politie. Ook in andere steden is er onrust.
Een man sterft na een arrestatie door de politie. Zijn familie zegt dat de politie heel ruw is. De kranten zeggen dat hij drugs slikt. De mensen zijn hier heel boos over.
De betogers steken autobanden in brand. Zij gooien stenen naar de politie. De politie gebruikt traangas tegen de menigte. Traangas is een gas dat pijn doet in de ogen.
In de stad Jebeniana sterft nog een man. Hij vlucht weg voor de politie. In Sfax protesteren de studenten. Een student sterft daar door een zwak hart. De studenten zeggen dat de ambulance te laat komt.
Tunesië heeft veel problemen. Er is een zware crisis. Veel mensen hebben geen geld. Zij vinden het werk van de regering slecht. De president krijgt veel kritiek.
Duizenden mensen willen vrijheid voor gevangenen. Zij willen een betere politiek. Een politicus moet voor 4 jaar naar de cel. Dat zorgt voor nog meer boosheid.