Een computer heeft een grote fout gemaakt. De computer werkt met kunstmatige intelligentie. Dit betekent slimme software. De computer schrijft een rapport voor de geheime dienst van de Verenigde Staten.
In het rapport staat een leugen. Een schip uit China heeft spullen voor atoombommen aan boord. Het schip vaart in het Midden-Oosten.
Het leger van de Verenigde Staten wil het schip stoppen. Soldaten maken zich klaar voor een aanval.
Vliegtuigen viegen al in de lucht. Dan merken mensen de fout. De computer gebruikt foute informatie.
De computer mengt geheime data met openbare data. Het verhaal over de atoombommen klopt niet. De aanval stopt op het laatste moment.
Mensen die veel weten waarschuwen voor gevaren. Een fout van een computer start bijna een oorlog. Het leger gebruikt vaker computers voor keuzes.