In de Grote Hal van het Volk in Peking is donderdag de jaarlijkse bijeenkomst van het Nationale Volkscongres van start gegaan. Voor de ongeveer 2.800 afgevaardigden presenteerde premier Li Qiang het werkverslag van de regering. Dit verslag markeert een afwijking van de eerdere groeidoelen.
Met een doelbereik van 4,5 tot 5 procent voor het Bruto Binnenlands Product (BBP) reageert de staatsleiding op aanhoudende problemen in de structuur van de economie. Denk hierbij aan de crisis op de vastgoedmarkt en een zwakke binnenlandse consumptie.
Ondanks de economische uitdagingen plant de Volksrepubliek een grote militaire uitbreiding. De defensie-begroting zal in 2026 met ongeveer zeven procent stijgen. Dit komt neer op omgerekend ongeveer 239 miljard euro. Hiermee heeft China nog steeds de op één na grootste militaire begroting ter wereld, na de Verenigde Staten.
In zijn verslag benadrukte Li Qiang ook de intentie om de 'hereniging' met Taiwan vastberaden door te zetten. Hij zei dat China zich zal verzetten tegen elke vorm van onafhankelijkheidsstreven of inmenging van buitenaf.
De politieke agenda in Peking wordt geflankeerd door scherpe kritiek uit Washington. De Amerikaanse president Donald Trump noemde het Europese energiebeleid en de aankoop van Chinese windturbines 'een foute beslissing' tijdens een persconferentie. Hij beschuldigde China ervan deze technologieën weliswaar op grote schaal te exporteren, maar in eigen land vooral vast te houden aan traditionele energiebronnen.
Deskundigen zijn het niet eens met deze visie. Zij wijzen juist op de leidende rol van China bij de uitbreiding van hernieuwbare energiebronnen, zowel binnen het land als in het buitenland.